Hugo de Groot
Vandaag ging het boek Seafarers’ Rights door mijn handen. Het woord seafarer komt naar ik aanneem van het Nederlandse woord ‘zeevaarder’. Ik kon het niet laten om even in het register te kijken of Hugo de Groot in het boek voorkomt: een “grote Nederlander”, internationaal vermaard door zijn boek over het zeerecht. En ja, ik schoot meteen raak: “Grotius, Hugh” staat er in.
De tekst, vrij vertaald: “Rond deze tijd [1958] werden de grondbeginselen van de vrijheid van de zee wettelijk vastgelegd (gecodificeerd) in internationale verdragen. De discussie tussen ‘mare liberum’ en ‘mare clausum’ dateert van de debatten tussen de Nederlandse jurist Hugo Grotius, die pleitte voor een ongehinderde zeevaart tussen landen in het belang van de handel, en de Engelsman John Selden, die pleitte voor het recht om delen van de zee af te sluiten in het belang van de visserij. De liberale beginselen bloeiden en de principes van Grotius kwamen terecht in de vier zeeconventies van 1958.”
Ik herinner mij in dit verband de visserijoorlog tussen Engeland en IJsland, nota bene twee Navo-landen, in de jaren ’70. Groot-Brittanië betwistte met geweld IJslands recht op een 200-mijlszone en bevocht hier dus de vrije zee juist in het belang van de visserij, de eigen visserij, wel te verstaan.
De “grote Grotius” spreekt om een andere reden tot mijn verbeelding. Zijn beroemde ontsnapping uit Slot Loevestein in een boekenkist bewijst hoe bevrijdend boeken kunnen zijn – en je hoeft ze daarvoor niet eens te lezen.
Deirde Fitzpatrick & Michael Anderson: Seafarers' rights. Oxford UP, 2005. ISBN 0-19-927752-4 (pag. 22-23).
De tekst, vrij vertaald: “Rond deze tijd [1958] werden de grondbeginselen van de vrijheid van de zee wettelijk vastgelegd (gecodificeerd) in internationale verdragen. De discussie tussen ‘mare liberum’ en ‘mare clausum’ dateert van de debatten tussen de Nederlandse jurist Hugo Grotius, die pleitte voor een ongehinderde zeevaart tussen landen in het belang van de handel, en de Engelsman John Selden, die pleitte voor het recht om delen van de zee af te sluiten in het belang van de visserij. De liberale beginselen bloeiden en de principes van Grotius kwamen terecht in de vier zeeconventies van 1958.”
Ik herinner mij in dit verband de visserijoorlog tussen Engeland en IJsland, nota bene twee Navo-landen, in de jaren ’70. Groot-Brittanië betwistte met geweld IJslands recht op een 200-mijlszone en bevocht hier dus de vrije zee juist in het belang van de visserij, de eigen visserij, wel te verstaan.
De “grote Grotius” spreekt om een andere reden tot mijn verbeelding. Zijn beroemde ontsnapping uit Slot Loevestein in een boekenkist bewijst hoe bevrijdend boeken kunnen zijn – en je hoeft ze daarvoor niet eens te lezen.
Deirde Fitzpatrick & Michael Anderson: Seafarers' rights. Oxford UP, 2005. ISBN 0-19-927752-4 (pag. 22-23).


^ Home ^